Welke bakvorm heb je nodig?
Welke bakvorm je nodig hebt, hangt af van wat je bakt: een broodblik voor brood, een cakevorm voor cake en een springvorm of quichevorm voor taart. Bak je voor een feest of wil je uitdelen, dan zijn papieren bakvormen handig. Daarin bak en serveer je in één keer, zonder afwas. Twijfel je tussen twee maten, kies dan de grotere vorm: een baksel dat te krap staat, loopt over de rand of bakt aan de buitenkant te snel.
- Brood: een broodblik van alusteel of de Stokbroodvorm, die twee stokbroden tegelijk bakt. Alle maten staan bij broodvormen.
- Cake: de brood- en cakevormen van 21, 23 en 28 cm gebruik je voor allebei.
- Taart en quiche: de Springvorm 25 cm voor cheesecake, de Taartvorm Gegroefd en de Crusty Bake quichevorm voor vlaai en quiche. Meer bij taart- en cakevormen.
- Feest: de Unicorn en Dino Bakvorm voor een verjaardagstaart in een vorm.
Materiaal: aluminium, staal of siliconen?
Voor brood en cake is metaal meestal de betere keus, omdat het warmte beter geleidt dan siliconen en een bruinere korst geeft. Alusteel, een stalen kern met een laag aluminium, roest niet en verdeelt de warmte gelijkmatig. Blauw staal, zoals van de Taartvorm Gegroefd en de Taart En Pizza Vorm, is sterk en geeft een krokante bodem.
Vormen met anti-aanbaklaag laten makkelijk los, maar vet ze licht in voor een strak resultaat. De Crusty Bake-vormen zijn ontworpen voor een extra knapperige korst. Siliconen vormen zijn flexibel en handig voor muffins en figuurtjes, maar de korst blijft lichter. Papieren bakvormen zijn vetwerend en hoeven niet ingevet te worden.
Onderhoud hoort bij het materiaal. Laat vormen met anti-aanbaklaag afkoelen voordat je ze afwast en gebruik geen schuurspons, zodat de laag heel blijft. Blauw staal droog je direct na het afwassen goed af en vet je licht in, anders kan het gaan roesten. Alusteel is minder gevoelig, maar ook dat droog je af voordat je het opbergt.
Het basisgereedschap van de thuisbakker
Voor brood bakken heb je echt nodig: een digitale weegschaal, een grote kom, een deegschraper, een broodblik of bakplaat en een rooster om af te koelen. Weeg meel, water en gist altijd af, want bij brood maken een paar gram al verschil in het deeg.
Bak je vaker, dan komen er een rijsmand voor vrijstaand desembrood, een oventhermometer en bakpapier bij. Een oventhermometer laat zien of je oven echt op 220 °C staat, want de ingestelde temperatuur wijkt bij thuisovens vaak af. Deegschrapers en ander handgereedschap vind je bij gereedschap.
Heb je de vorm, maar nog geen deeg? Met een van onze broodmixen zit alles voor het deeg in één zak. Op de verpakking staat wat je nog toevoegt en hoeveel deeg je krijgt.















































